Word je eigen launching customer

Aanbieders van deelmobiliteit krijgen vaak de vraag van wat kleinere gemeenten, of ze ook in hun gemeente deelauto’s willen exploiteren. Met lede ogen zien zij aan dat aanbieders zich focussen op grote steden en de kleintjes linke en rechts laten liggen. Het eenvoudige antwoord is meestal dat de business case lastig rond te krijgen is en dat de meeste autodeelbedrijven daar niet zomaar risico mee kunnen lopen. Als het uitgebreidere antwoord een wedervraag is, of de betreffende gemeente wil optreden als launching customer, dan blijft het vaak stil. Want dat was niet de bedoeling. Soms niet en dat leidt vaak tot een interessante samenwerking.

Tegenwoordig worden er in aanbestedingen van openbaar (bus)vervoer innovaties verlangd van inschrijvers. Die komen met de meest exotische alternatieven voor en aanvullingen op regulier busvervoer. We kennen al jaren de buurtbussen, maar nu gaat het al over haltetaxi’s, fietscarrousels met deelfietsen en ga zo maar door. Buslijnen worden te kust en te keur geknipt en ingekort vanwege allerlei doelmatigheidsdoelstellingen. Vaak is het het begin van het einde. Zowel door vervoersautoriteiten als vervoersbedrijven wordt er vooral naar doelmatigheid gekeken en verdwijnt de focus op de reiziger. Veel reizigers snappen het niet meer, of kunnen er niet aan wennen en haken af. Ze vallen terug op de eigen auto en laten het openbaar vervoer geheel links liggen. Gevolg: ook de reiziger die geen keuze heeft, blijft in de kou staan.

Vroeger reed er één bus van Amersfoort naar Zwolle. Deze werd op een gegeven moment geknipt bij Harderwijk voor een betrouwbaardere dienstregeling. Toen de intercity’s uit het westen doorreden naar Amersfoort Schothorst, reed de bus niet meer door naar station Amersfoort Centraal. Nu de lijn verder is gekort tot Amersfoort Vathorst, blijkt de rest van de lijn tot Harderwijk ook niet meer levensvatbaar en wordt de lijn opgeheven. Oplossing: verleng hem naar Amersfoort Schothorst en Amersfoort Centraal en het aantal reizigers neemt toe.

Het openbaar vervoer kan leren van de ontwikkeling van deelmobiliteit. De deelauto bestaat al zo’n dertig jaar en sinds veel deelauto’s elektrisch zijn, worden veel mensen er enthousiast van. Toch leidt dat enthousiasme veel te weinig tot daadwerkelijk gebruik. Dat heeft vaak alles te maken met een gebrek aan urgentie, timing of objectieve kijk op echte voor- en nadelen. Veel experimenten stopten zodra de proefperiode over was, of kwamen nooit echt van de grond bij gebrek aan visie. Iet dergelijks dreigt nu ook bij allerlei voornemens over vraagafhankelijk vervoer. Zodra vervoer ‘vraagafhankelijk’ wordt, blijken de potentiële reizigers de vraag, waar dat vervoer van afhankelijk is, niet meer te stellen en blijven ze thuis. Of vragen de kinderen of de buurman even.

Het zou voor opdrachtgevers en uitvoerders in het openbaar vervoer goed zijn als ze zelf als eerste van hun eigen vervoersconcepten gebruik zouden maken. Alleen dan snap je waar je doelgroep tegenaan loopt en “Doe ik zelf ook” is eigenlijk wel een heel sterk verkoopargument. Als je jezelf geen gebruik ziet maken van je eigen mobiliteitsconcepten, dan zegt dat wat over jezelf. En over je concept.

Social media & sharing icons powered by UltimatelySocial